Overdag zindelijk worden verloopt voor elk kindje net een beetje anders. Maar er zijn wel 4 duidelijke stappen die je kan volgen. Elke stap duurt meestal een paar weken. Het kan sneller gaan als je meer tijd en aandacht kunt hebben. Maar volg je kindje. Elk kind is anders!
Voelen wat er gebeurt
Zindelijk worden betekent voor je kindje: leren voelen wat er gebeurt in het lijfje.
- Eerst na afloop: ik heb geplast of gepoept.
- Dan tijdens: ik ben aan het plassen of poepen
- En dan vooraf: ik moet plassen of poepen.
Luier aan of luier uit?
Het voelen wat er gebeurt begint al als je kindje de luier nog de hele dag aan heeft. Doe dus niet in één keer de luier uit. Jij als ouder gaat je kindje helpen om de signalen te herkennen die je kindje voelt en geeft. Zodat je kindje in steeds beter voelten begrijpt wat er gebeurt..Dat gaat in 4 stappen.
Stap 1 – Interesse krijgen (met de luier nog aan!)
De eerste stap houdt in: je kindje wordt nieuwsgierig naarhet potje en de WC. Wat gebeurt daar? Wat is een potje? De meesten van ons houden de deur dicht als we naar de WC gaan. Daardoor hebben kinderen geen idee wat daar gebeurt. In deze stap leert je kindje dat grote kinderen en grote mensen geen luier meer aan hebben, maar plassen en poepen op de WC. Dat wil je kindje ook! Hoe oud je kindje ook is, sla deze stap niet over. De luier mag in deze stap nog aanblijven. Jullie gaan op een speelse manier starten met boekjes lezen en er over kletsen. Benoem wat je in de luier ziet en neem je kindje eens mee naar de WC.
Stap 2 – Eerste keer op het potje of de WC (luier af en toe uit)
In deze stap leert je kindje steeds beter voelen wat er in zijn of haar lijfje gebeurt tijdens het plassen en poepen. Je begint met af en toe de luier een uurtje uit doen en het potje aanbieden. Je kindje gaat voorhet eerst op potje of de WC poepen of plassen. Jij als ouder gaat de signalen herkennen als jouw kindje nodig moet. Je kind ervaart dan voor de eerste keer: “Als ik voel dat ik moet, kan ik er iets mee”. Daardoor voelt een kind zich groot en krijgt steeds meer controle over zijn lijf. De luier mag nog aanblijven als je niet aan het oefenen bent.
Stap 3- Steeds vaker op het potje en naar de WC.
Je kindje leert steeds beter wat er in het lijfje gebeurt en voelt beter van te voren aan wat er gebeurt. Jij leert steeds beter herkennen als je kindje nodig moet, vooraf dus. En je herkent het patroon: op welke momenten je kind meestal moet poepen en plassen. Zo zijn jullie steeds vaker optijd bij het potje of WC. Met vaste momenten en vaker oefenen gaat het steeds vaker goed. Het zelfvertrouwen van je kindje groeit en jij bent trots dat het steeds vaker lukt! De luier mag steeds langer of vaker uit, maar is een paar uur per dag nog aan. Ook met de luier aan gaat je kindje aangeven dat hij of zij moet plassen en poepen.
Stap 4- De luier blijft uit.
Gaat het oefenen op het potje en de WC steeds beter? Heeft je kind eigenlijk geen ongelukjes meer? En geeft je kindje het steeds aan als hij of zij nodig moet? Dan is het tijd om een dag te kiezen en de luier helemaal uit te laten. Jullie gaan op vaste momenten naar de WC. Als ouder ga je extra goed opletten en je kindje aanmoedigen. Ook als je op stap gaat, onderweg bent of ergens anders bent: de luier blijft uit. Dat vraagt dus van jou als ouder dat je goed oplet, droge kleren meeneemt en veel complimentjes geeft. Overdag zindelijk zijn betekent dat je kindje niet meer dan 2 ongelukjes per week heeft. En dat je kindje zelf naar de WC gaat, broek of legging omlaag en omhoog kan doen, billen kan vegen en de handen wast. Veel te leren dus in deze stap!



%20Ledenlogo2.png)