Veel kinderen vinden de WC in het begin een beetje eng. Gaat het echt om het poepen? Misschien vindt je kindje het niet fijn als het plonst en spettert. Het voelt heel anders dan op het potje. Oefen dit op een speelse manier. Je kan een stukje ontbijtkoek als nep-drolletje in de WC gooien en kijken hoe dat plonst en spettert. Benoem dat het gek voelt aan de billen.
Het kan ook dat je kindje het niet fijn vindt dat de poep voor altijd weggaat. Het klinkt gek, maar voor peuters kan het voelen alsof ze een deel van hun lichaam kwijtraken als ze een poepje doen. Benoem dit en vertel dat het erbij hoort als je groter wordt. Begin met het poepje uit de luier of potje in de WC te gooien. Dat is een tussenstap. Zeg bijvoorbeeld: “Dag poepje, ga maar naar de andere poepjes!”.
QA-031


%20Ledenlogo2.png)