Terug naar overzicht

Leren zeggen: Ik moet plassen!

Je leert hoe jij je kind helpt om zelf te zeggen dat het moet plassen of poepen.

Bekijk de video

Goed om te weten

  • In deze stap leert je kindje steeds beter voelen dat er iets gebeurt in het lijf. Maar veel kindjes weten niet gelijk wat dat betekent. Ze voelen pas laat dat ze moeten plassen of poepen. Of ze begrijpen het gevoel nog niet goed.
  • Daarom helpt het als jij benoemt wat je ziet. Misschien wiebelt je kindje, stopt het even met spelen of kijkt het een beetje anders. Je hebt eerder de signalen leren herkennen.
  • Door deze signalen rustig te benoemen, leert je kindje het gevoel herkennen. Daardoor kan je kindje het steeds beter op tijd zeggen als hij of zij moet plassen of poepen.

Wat kan je doen?

  • Benoem de signalen die jij herkent en ziet. Zeg bijvoorbeeld: 
    “Ik zie dat je wiebelt. Misschien moet je plassen.”
    “Volgens mij is het tijd voor een poepje op het potje. Voel maar eens goed in je buik". Of vraag: “Voel je dat er plas aankomt?”
  • Help je kindje met de woorden om aan te geven dat je kindje nodig moet. Zeg bijvoorbeeld: "Als je moet plassen, zeg je: Mama! Ik moet plassen! Goed? Dan gaan we samen naar het potje". Of zeg: "Als jij voelt dat er poep komt, zeg je dat. Papa, poepje!". Bij jonge kindjes kan het kort. Zoals: Mama, plassen!
  • Zo leert je kindje stap voor stap het lichaam beter voelen en begrijpen.

Tips

  • Kijk goed naar signalen. Wiebelen, stil worden of even stoppen met spelen kan betekenen dat je kindje moet plassen of poepen.
  • Geef woorden aan het gevoel. Door te benoemen wat er gebeurt, leert je kindje het gevoel herkennen.
  • Vertel wat je kindje kan zeggen als hij of zij nodig moet. Zoals: Mama, plassen! of: Moet poepen! Houd het kort en simpel.
  • Geef je kindje tijd. Zelf aangeven dat je moet is iets nieuws leren. Dat hoeft nog niet meteen te lukken.

Downloads:

zelf-aangeven-dat-je-moet
dit-moet-je-weten