Back to overview

Choose your toilet words

Je kiest woorden voor plassen, poepen en de WC die voor jullie fijn zijn. Wel zo duidelijk voor je kindje.

Watch the video

Samen doen

  • Voor jonge kindjes zijn woorden belangrijk. Door steeds dezelfde woorden te gebruiken, leert je kindje beter begrijpen wat er gebeurt. Dat helpt later ook om te zeggen dat het moet plassen of poepen.
  • Kies samen welke woorden jullie willen gebruiken voor plassen, poepen en de WC. In de taal die het beste bij jullie past.
  • Sommige gezinnen zeggen bijvoorbeeld: plasje, poepje en WC.
    Andere gezinnen gebruiken woorden zoals pipi, drolletje, of kaka.
  • Alle woorden zijn goed, als jij je er goed bij voelt.
  • Het belangrijkste is dat jullie steeds dezelfde woorden gebruiken. Wel zo duidelijk voor je kind.

Hang de poster op

  • Bij het Plasklas-boek zit een poster met WC-woorden. Daarop staan verschillende plaatjes om te gebruiken. Hang de poster bijvoorbeeld op bij de WC of in de woonkamer.
  • Kijk er samen naar en kies de woorden die het beste bij jullie passen.
  • Wanneer gebruik je die woorden? Bijvoorbeeld bij het verschonen van de luier of als jij of iemand anders naar de WC gaat.
  • Zo hoort je kindje de woorden vaak terug en leert stap voor stap wat ze betekenen.

Tips

  • Gebruik de poster WC-Woorden .
  • Kies de woorden die bij jullie passen, in je eigen taal.
  • Gebruik steeds dezelfde woorden. Dat helpt je kindje om ze te begrijpen.
  • Hang de poster op een plek die je vaak ziet. Bijvoorbeeld op de WC-deur of op de koelkast.
toilet-words-choosing-and-hanging
must-do